Trump dankt succes aan witte rancune

Trump dankt succes aan witte rancune
© REUTERS

Column Heleen Mees

Een nieuw onderzoek van onderzoeksbureau Gallup heeft verwarring gezaaid over de drijfveren van Trump-kiezers. Volgens het onderzoek zijn mensen die een positief beeld hebben van Donald Trump niet onevenredig zwaar getroffen door internationale handel en immigratie in vergelijking met mensen die een negatief beeld van de Republikeinse presidentskandidaat hebben. De resultaten laten zien dat de aanhangers van Trump, gemiddeld genomen, geen lager inkomen hebben dan andere Amerikanen en dat ze ook niet meer kans lopen om werkloos te worden.

Deskundigen waren er als de kippen bij om te betogen dat het succes van Trump vooral het resultaat is van witte, racistische rancune. ‘Economische angst is niet een goede indicator voor wie wel of niet een Trump supporter is’, zei econoom en New York Times-columnist Paul Krugman.

Volgens Vox-commentator Matt Yglesias voorspelt racistische vijandelijkheid wie een aanhanger van Trump is. Daarom zijn vooral witte nationalisten enthousiast over Trumps belofte Amerika weer ‘veilig’ te maken en steunt 99 procent van de zwarte Amerikanen Clinton.

Clintons overwegend optimistische boodschap voor de toekomst van Amerika zal niet bij al deze kiezers resoneren

Toch is de werkelijkheid gecompliceerder dan Krugman en Iglesias suggereren. Trump-supporters zijn weliswaar zelf financieel niet bovengemiddeld zwaar getroffen door de globalisering, ze wonen wel in gebieden die door de-industrialisatie geraakt zijn. Het zijn blue-collar workers die niet zelf in de fabrieken werken, maar in beroepen als elektricien en loodgieter die ongevoelig zijn voor offshoring. Het is met de-industrialisatie hetzelfde als met vergrijzing. Die laatste vormt niet zozeer een probleem voor degenen die overleden zijn, maar voor degenen die achterblijven en de teloorgang zien.

Daar komt bij dat sinds China’s toetreding tot de Wereldhandelsorganisatie (WTO) in 2001 het inkomen van het gemiddelde Amerikaanse huishouden met meer dan 10 procent is gedaald. Zelfs als je niet bovengemiddeld zwaar bent getroffen door globalisering, ben je er toch fors op achteruitgegaan. Het is daarom niet zo gek dat volgens een recente peiling van Pew Center een duidelijke meerderheid van de witte Amerikanen vindt dat het leven de afgelopen vijftig jaar slechter is geworden ‘voor mensen zoals jij’. Tweederde van alle Amerikanen vindt dat het de verkeerde kant opgaat met het land.

Clintons overwegend optimistische boodschap voor de toekomst van Amerika zal niet bij al deze kiezers resoneren. Zo indringend als ze afgelopen februari in Harlem sprak over het systematisch racisme dat zwarte Amerikanen dagelijks aan den lijve ondervinden, zo vlak en plichtmatig was haar speech voor fabrieksarbeiders in Michigan twee weken geleden. Deze staat heeft erg te lijden gehad onder het verdwijnen van fabrieksbanen, maar net als in haar speech tijdens de Democratische conventie refereerde Clinton slechts plichtmatig aan China en de toegenomen inkomensongelijkheid.

Hans Wansink schreef (O&D, 14 augustus) dat de kloof tussen burgers en de politiek voortvloeit uit de ongelijke mogelijkheden die burgers hebben om deel te nemen aan het politieke proces. Nergens is dat beter te zien dan hier in de VS. Feitelijk wordt zo een klasse van tweederangsburgers gecreëerd, aldus Wansink.

Een onschuldigere verklaring voor de kloof tussen burgers en de politiek is de volgende. Soms neemt de politiek besluiten waarvan ze de gevolgen niet goed kan overzien, zoals China’s toetreding tot de WTO.

Toen de belangrijkste besluitvorming plaatsvond, stonden de meeste kiezers onverschillig tegenover het onderwerp. De antiglobalisten die protesteerden in Genua en Seattle vormden slechts een marginale groep.

Maar dat wil niet zeggen dat de politieke elite destijds botweg haar zin heeft doorgedrukt ten koste van de gewone burger. Integendeel. China’s toetreding was het resultaat van het idealisme en de zweem van zelfgenoegzaamheid waarmee het Westen na de val van de Berlijnse muur behept was.

Waarom kost het Hillary Clinton zoveel moeite om ronduit toe te geven dat China’s toetreding tot de WTO Amerika veel banen heeft gekost?

Net als met de invoering van de euro pakte het in werkelijkheid anders uit. Waarom kost het Hillary Clinton zoveel moeite om ronduit toe te geven dat China’s toetreding tot de WTO Amerika veel banen heeft gekost en dat daardoor het inkomen van het gemiddelde Amerikaanse huishouden is gedaald en de bedrijfswinsten zijn gestegen?

Als ze dat wel zou doen, zou ze het witte onbehagen tenminste erkennen. Bovendien zou ze een steviger basis hebben voor haar pleidooi voor inkomensherverdeling.

In de politiek is het net als in het echte leven: shit happens (a lot). En net als in het echte leven gaat er niet zozeer om hoe het heeft kunnen gebeuren, maar bovenal hoe je ermee omgaat.

betaal artikel VK maar hier gratis🙂

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s