Interview Pieter van Vollenhoven

‘Ik ben niet bezig om te bewijzen dat ik geen lapzwans ben’

Interview Pieter van Vollenhoven

Pieter van Vollenhoven (77), aanstaande dinsdag vijftig jaar getrouwd met prinses Margriet, heeft geen spijt van zijn huwelijk, maar ingewikkeld was het wel. ‘Het is de beste fout die ik ooit heb gemaakt.’

CV Pieter van Volllenhoven

30 april 1939 Geboren te Schiedam
1959 Gymnasiumdiploma aan Montessori Lyceum Rotterdam
1965 Verloving met prinses Margriet van Oranje-Nassau
Doctoraalexamen
Nederlands recht aan de Rijksuniversiteit
Leiden
1966 Koninklijke Luchtmacht
1967 Huwelijk met prinses Margriet; vier kinderen (Maurits,
Bernhard, Pieter-Christiaan en Floris) en elf kleinkinderen

‘Laat ik er toch maar vanafzien’, roept Van Vollenhoven door de telefoon. ‘Dan bent u ook van het gezeur af. Je moet het ook wel heel erg met jezelf getroffen hebben, wil je het leuk vinden lang over jezelf te praten. Natuurlijk is het heerlijk om als een keizer bewierookt te worden, maar ik raak zelf altijd zeer uitgekeken op interviews met lieden die vol zijn van zichzelf.’

Het interviewverzoek lag er al een tijdje, maar professor meester Pieter van Vollenhoven is druk met zijn werkzaamheden bij de Stichting Maatschappij en Veiligheid. Bovendien komt zijn 50-jarig huwelijk steeds dichterbij, waardoor het vraaggesprek niet alleen over veiligheid, maar ook daarover dreigt te zullen gaan.

Hij kan zich bovendien vooraf al opwinden over het eindresultaat. ‘De meeste journalisten vragen te veel. Dan moet het interview van de redactie worden ingekort, met als resultaat een onsamenhangend verhaal dat ik dan moet gaan herschrijven. Ruzie met de journalist, een tijdrovende procedure, daarvan kan ik zeer agressief worden. Ja, pas maar op, dat had u niet van mij gedacht!’

FIJN DAT WE ELKAAR TOCH TREFFEN, PROFESSOR. DINSDAG IS HET ZOVER. HOE GAAT U UW 50-JARIG HUWELIJK VIEREN?

‘Op 10 januari komen we altijd met het bruidspersoneel bijeen en dit keer zijn de kinderen daar ook bij. Acht van de tien keer verscheen ik, net als in 1967, in luchtmachtuniform en de prinses in haar trouwjurk. Dit jaar doen we dat weer. En we gaan in februari nog een week met de kinderen op een cruise. Daarna zijn we natuurlijk failliet, dus dan is het weer rustig.’

Laten we vijftig jaar teruggaan. Uw entree als eerste niet-adellijk lid van het Koninklijk Huis ondervond veel weerstand. Wat was voor u het hoogtepunt van uw trouwdag?
‘Het hoogtepunt was natuurlijk dat wij überhaupt mochten trouwen. In die tijd waren velen buitengewoon ongelukkig met het huwelijk. Toen men begon te beseffen dat wij elkaar echt aardig vonden, mochten we elkaar niet meer spontaan ontmoeten of samen uitgaan. Alleen op zondagmiddag mochten we, in een gecontroleerde setting, twee uurtjes theedrinken met elkaar. Toen heb ik overigens wel leren praten, want daarmee was ik thuis niet zo opgevoed. De filosofie was dat ik eerst maar eens moest afstuderen, vervolgens de militaire dienst in ging en daarna een baan zou vinden, in de veronderstelling dat de liefde dan wel over zou zijn. Maar een Leidse krant waarschuwde dat ze met een artikel over ons zouden komen en dat heeft onverwacht geleid tot onze verloving. Zeker mijn schoonmoeder wilde deze berichten niet ontkennen, namelijk. Na de verloving werden de bezwaren tegen een huwelijk steeds luider. Bij het huwelijk waren we best zenuwachtig. Het hoogtepunt was dus eigenlijk het mógen trouwen zelf.’

TIJDENS DE VERLOVING DROEG U LOOPGIPS VANWEGE EEN GEBROKEN ENKEL. U HEEFT NOG ELKE DAG PIJN AAN DIE VOET – IS DAT DE TOL VAN DIE ONVERWACHT SNELLE VERLOVING?

Verloving op loopgips
Verloving op loopgips © Swart / HH

‘Daar zit inderdaad een kern van waarheid in. Ik had net mijn enkel gebroken tijdens het skiën en ik denk dat ze het gips te snel in loopgips hebben veranderd om de beweeglijkheid tijdens de verloving te kunnen bevorderen. Nu is mijn rechterenkel helaas fors versleten en dat gaat met veel pijn gepaard. Als je die enkel ziet op een foto, word je daar niet vrolijk van.’

Hoe ontmoette u prinses Margriet?
‘Dat was bij een lustrum in Wageningen in 1962. Ik zat in het bestuur van het Leidsch Studenten Corps en onze voorzitter, de praeses collegii, had de prinses voor dat lustrum uitgenodigd.’

U zag haar staan, en toen?

‘Ik zag haar staan en toen niks. Maar met zo’n lustrum trek je vijf dagen met elkaar op, je zit samen in een huis, dus dan leer je elkaar wel kennen.’

Er sloeg dus niet gelijk een vonk over?

Stilte. ‘Nee, niet meteen.’

WAT TROK U IN HAAR AAN?

‘Ze is een ontzettend hartelijk, spontaan en loyaal mens. Dat had ik helemaal niet verwacht. Na het feest gaf ze een diner waarvoor ik ook was uitgenodigd. Ik dacht: ik zou het leuk vinden om haar daarna nog eens terug te mogen zien, dus toen heb ik haar in een chocoladedoos een muis gegeven. De bonbons heb ik zelf opgegeten, dat is me nog steeds aan te zien. En met die muis had ik een alibi om bij haar terug te komen. Want dan vroeg ik: ‘Hoe gaat het toch met mijn muis?’ Zo is onze band eigenlijk ontstaan. Maar daar was verder niemand van op de hoogte. Haar huisgenoten zagen mij wel komen, maar daar werd verder niet over gesproken. Ook niet met mijn clubgenoten of anderen. Niks. Margriet had een vriendin en zij bracht me haar brieven. Ik had een foto van die vriendin op mijn bureau staan, want als zij dan langskwam kon ik tegen mijn huisgenoot zeggen dat zij mijn vriendin was. Zij smeet die brieven echter zo nonchalant naar binnen, ze was natuurlijk gewoon een soort veredelde postbode, dat ik die vriend geregeld zag kijken van: dat wordt later nog wat tussen die twee! Maar verder spraken we er niet over.’

Ook niet met uw familie?

‘Nee. Toen we later samen naar een gala gingen, heb ik wel haar moeder leren kennen. Zij wilde even kijken met wat voor iemand haar dochter naar dat feest ging. Dus toen de verloving plotseling bekend werd gemaakt, was dat, behalve voor de nabije familie, voor iedereen een grote verrassing. Vanzelfsprekend hebben velen, zeker mijn vrienden, dat toen niet gewaardeerd.’

HEEFT U UW VERLIEFDHEID NOG PROBEREN TE BEHEERSEN, OMDAT U ZELF OOK DACHT DAT EEN RELATIE MET EEN PRINSES ONGEPAST WAS?

Loopbaan (selectie)

1974 – 1976 Directeur Stichting Periodieke Veiligheidskeuringen Motorvoertuigen
1977 – 1996 Voorzitter Raad voor de Verkeersveiligheid
1986 – heden Voorzitter Stichting Maatschappij en Veiligheid
1989 – heden Oprichter en voorzitter Fonds Slachtofferhulp, nu erevoorzitter
1989 – 2002 Maakt deel uit van pianotrio De Gevleugelde Vrienden
1993 – heden Medeoprichter en board member European Transport Safety Council
1996 – 2014 Voorzitter Nationaal Groenfonds
2004 Benoemd tot Ridder Grootkruis in de Orde van de Nederlandse Leeuw
2005 – 2011 Voorzitter Onderzoeksraad voor Veiligheid
2005 – heden Praktijkhoogleraar Risicomanagement Universiteit Twente
2016 Juryvoorzitter Verkiezing Mooiste Natuurgebied van Nederland

‘Nee. Dat is het gekke. Dat ligt aan mijn opvoeding, denk ik. Mijn vader had een bedrijf, verbonden met de haven, en iedereen hielp als het nodig was. Dus ik ben nooit zo met rangen en standen opgevoed.’

Hoe reageerden uw ouders?

‘Mijn ouders vonden dat een mus niet met een mees moest trouwen. Mijn vader was een vogelliefhebber! En het is ook zo, dat gebeurt in de natuur ook weinig. Je moet je grenzen kennen, vonden zij. Het is ongepast dat je van een prinses houdt, je overschrijdt de grenzen van het fatsoen. Ze begrepen het wel, want zij vonden de prinses ook heel aardig, maar in hun hart vonden ze het ook fout. Maar als u vraagt: ‘Werd daar over gesproken?’ Nee. Ik ben eigenlijk een soort kluizenaar geweest. Mijn broer was vijf jaar ouder en dat is op die leeftijd best veel. En mijn vader was altijd aan het werk. Het was ook zo’n andere tijd. Dat kluizenaarschap en dat weinig communiceren heb ik overigens nooit vervelend gevonden. Ik was niet anders gewend. Uiteindelijk denk ik dat deze gang van zaken me enorm heeft geholpen om de contacten met Margriet volledig stil te houden.’

WAT DENKT U DAT ER VAN U WAS GEWORDEN ALS U NIET MET PRINSES MARGRIET WAS GETROUWD?

Ik heb dat nooit zo erg gevonden dat ik geen prins geworden ben

Pieter van Vollenhoven

Voltallige koninklijke familie op het bordes in Soestdijk in 1976
Voltallige koninklijke familie op het bordes in Soestdijk in 1976© .

‘Ik ben in een enorme loyaliteit opgevoed, dus ik zou zeker een aantal jaren in het bedrijf van mijn vader zijn gaan werken. Daarop had hij zich ook verheugd. Maar desondanks hebben mijn ouders mij altijd reuze gesteund. Ze vonden het wel vervelend om mij te verliezen. Want dat gevoel hadden ze: ik raakte uit het zicht. En dat is in wezen ook werkelijkheid geworden. Want het werd een heel ingewikkeld pad, waarvan ik hen nooit deelgenoot heb gemaakt.’

Volgens uw vriend pianist Louis van Dijk kunt u er tegenwoordig wel ‘een beetje om lachen’ dat u nooit prins bent geworden. Klopt dat?
‘Ik heb dat nooit zo erg gevonden. Ik heb altijd gedacht: als de prinses maar zichzelf kan blijven. Ik heb altijd gewild dat het huwelijk met mij niet nadelig was voor haar. Het was eerlijk gezegd alleen weleens pijnlijk in het buitenland, want dan was het: ‘de prinses en meneer Van Vollenhoven’, en dacht men waarschijnlijk dat ik de secretaris van de prinses was. Maar zelf, nee. Anderen denken dat ik er diep ongelukkig over ben, men denkt zelfs dat ik gestreden heb om prins te worden! Maar wie zou het in zijn hoofd halen naar de minister-president te gaan en te zeggen: ‘Ik wil prins worden’, dan is het toch in je bol geslagen? Het is wel zo dat er óver gesproken is, maar niet door mij.’

Las u als kind graag sprookjes over prinsen en prinsessen?
‘Neeneenee. Dat kwam in mijn woordenboek niet voor. Ik ben wel opgevoed met dieren. Mijn vader was een enórme liefhebber. Wij zijn opgevoed met zieke beo’s, die we meelwormen moesten voeren. En onze garage was een soort ontmoetingscentrum voor alle muizen van Schiedam. Ik moet u zeggen: ik vond dat helemaal niets. Maar, heel vervelend, later op het Loo zijn de prinses en ik toch ook allemaal zieke dieren gaan verzorgen. We hebben drie reeën grootgebracht, die hebben alle drie bij ons in huis gewoond. Die reeën zagen mij als hun moeder. Als ik met ze ging wandelen en ze roken onraad, kropen ze tussen mijn benen totdat het gevaar voorbij was.’

DIE WOONDEN OOK ECHT BIJ U IN DE WOONKAMER?

Vakantie in Porto Ercole in 1976
Vakantie in Porto Ercole in 1976© .

‘Ja, die liepen gewoon door het huis.’

Dan zat u televisie te kijken en kwam er een ree naast u zitten?
‘Ja, en ze gingen ook mee de auto in. Maar de moeder stoot zo’n kalf na een jaar af, dus dat hebben wij ook gedaan. Met veel verdriet hebben we ze achtergelaten op een vertrouwde plek in het bos. Als ik dan terugging naar die plek en ik floot, stonden ze weer naast me. En vonden ze het fantastisch om geaaid te worden. De honden, die er ook een geweldige relatie mee hadden, likten ze dan helemaal schoon. Dat was echt fantastisch.’

Wat een romantisch verhaal. Ik las ook, dat toen u net getrouwd was, u Margriet eens verraste door haar verkleed als marechaussee op te wachten in het bewakingshokje van Het Loo. Bent u zo’n romantische man?
‘Mhm. Dat vind ik een moeilijke vraag, want iedereen heeft zijn eigen referentiekader voor wat hij romantisch vindt. Maar ik hou van grappen, daarvan heb ik altijd gehouden.’

DAT ZEI KONING WILLEM-ALEXANDER OOK OVER U, AL ZEI HIJ WEL DAT NIET IEDEREEN UW GEVOEL VOOR HUMOR DIRECT BEGRIJPT.

Eigenlijk moet u erg met mij oppassen. Zeker in een net gezelschap!

‘Dat is zeker zo. Ik kreeg ooit een gezette professor op de thee en toen de cake werd binnengebracht, zei ik: ‘Ha, daar heeft de dikke pad wel zin in.’ Ik bedoelde mezelf, maar hij dacht dat ik hem bedoelde. Dat viel totáál verkeerd. Ik zeg oprecht heel vreemde dingen, hoor, eigenlijk moet u erg met mij oppassen. Zeker in een net gezelschap!’

Is er door de troonswisseling voor u veel veranderd?
‘Nou ja, je praat nu over een andere generatie. De tijd is zo veranderd dat mensen zich niet meer kunnen voorstellen hoe het vroeger was. Je hebt echt géén idee hoe anders dat lag, dat was niet kinderachtig. Nu regelt iedereen alles voor zichzelf, vroeger bepaalden anderen wel wat goed voor je was. Ik weet nog dat ik op het departement kwam en de portier goedendag zei. Nou, ik ben later nog door een hoge ambtenaar ter verantwoording geroepen omdat dat niet de bedoeling was.’

Waarom niet?
‘Ze zagen het als populair doen. Sommige mensen vinden het chic om voorbij te lopen en niets te zeggen. Dus het was echt een ontdekkingsreis in het leven. Voordat Margriet en ik ons verloofden, leefde ik natuurlijk totaal in de anonimiteit. Niemand keek naar me, dat veran-derde volledig. Opeens keek men op basis van veronderstellingen naar me. Zonder dat iemand me kende, veronderstelde men: het zal wel een onaangenaam verwend mens zijn. Na het huwelijk was dat het ingewikkeldste, eigenlijk. Gelukkig was ik gewend een kluizenaar te zijn en kon ik me daarvoor afsluiten. En bij de luchtmacht, waar ik na mijn afstuderen terechtkwam, had ik een fantastische tijd. In de militaire dienst werk je met een rangenstelsel, dus dat waren véél overzichtelijker verhoudingen. Daarom heb ik later ook bijgetekend. Ik wilde zelfs eerst beroepsmilitair worden, maar ik had de opleiding bij de Koninklijke Militaire Academie niet gevolgd en daardoor moest ik terugkeren in de burgermaatschappij. En toen werd het een heel ingewikkeld leven. Mijn schoonmoeder, koningin Juliana, had ons huwelijk goed gevonden, dus ik wilde haar en vooral mijn vrouw absoluut niet teleurstellen in die beslissing. En als je niet wilt teleurstellen, moet je slagen. Dat was in het begin alleen moeilijk.’

HOE GING DAT FINANCIEEL? MOEST U DAN OPEENS BIJ PRINSES MARGRIET UW HAND OPHOUDEN?

'Ik ben niet bezig om te bewijzen dat ik geen lapzwans ben'
© Sanne de Wilde

Resoluut: ‘Nee, dat heb ik nooit gedaan. Ik hou van het woord ‘onafhankelijkheid’, dus dat nooit. Mijn ouders hebben me geholpen. Ik denk dat ik een duur kind ben geweest. Want ik kon zeker in het begin heel moeilijk een baan vinden. Daarom heb ik een aantal stages gelopen bij de Heidemaatschappij, Akzo en KLM. Daarover was veel kritiek: de man van twaalf ambachten en dertien ongelukken, werd gezegd.’

In de bescheurkalender van Van Kooten en De Bie stond in die tijd: ‘De heer Van Vollenhoven is gisteren benoemd tot directeur van een stichting die zich bezig zal houden met het zoeken naar een passende werkkring voor de heer Van Vollenhoven.’
‘Ja, het was reuze moeilijk. Mensen zeiden: ‘Je moet naar het buitenland’, maar ik dacht: dan word je weggestuurd, en ik wilde onafhankelijk blijven. Dus ik was ook wel een beetje eigenwijs. Ik ging in die tijd ook terug naar de muziek, want dat was vertrouwd voor mij. Ik had op school al een eigen orkest. Maar ook dat werd verkeerd uitgelegd. Zo van: hij moet zo nodig, laat hem tussen de schuifdeuren blijven. Op een zeker moment werd ik onverwacht gevraagd als directeur voor de op te richten Stichting Periodieke Veiligheidskeuringen Motorvoertuigen. En of ik dat nou leuk vond, dat deed er niet toe, het was de eerste keer dat iemand mij vroeg voor een baan. Dus ik heb ja gezegd. Die stichting sneuvelde binnen een jaar door een motie van de Tweede Kamer over de ruzie ‘welke auto’s mogen naar de garage en welke moeten naar een keuringsstation?’. Uiteindelijk werd ik – eerlijk gezegd na veel gelobby – voorzitter van de Raad voor de Verkeersveiligheid. Ik herinner mij nog dat de minister-president, toen de heer Den Uyl, daar niets voor voelde.’

WAAROM NIET?

Fotosessie bij het 40-jarig huwelijk in 2007
Fotosessie bij het 40-jarig huwelijk in 2007 © Phil Nuhuis / HH

‘Er was veel kritiek op mij en hij vond dat ik geen ervaring had. Ook was hij er niet zo’n voorstander van een lid van het Koninklijk Huis op zo’n functie te benoemen. Maar het is wel doorgegaan. De wereld van de verkeersveiligheid was zeer weerbarstig, omdat iedereen toen in het verkeer in vrijheid was opgevoed. Die vrijheid wilde men niet verliezen, met als gevolg dat werkelijk niemand op onze adviezen zat te wachten. Noch de minister, noch de verkeersdeelnemers. Bij een werkbezoek aan Amerika maakte ik kennis met het onafhankelijk onderzoek. Dat was bij de National Transportation Safety Board. De NTSB was belast met waarheidsvinding, met het achterhalen van wat zich precies had afgespeeld bij calamiteiten. Toen dacht ik: zo moet het in Nederland ook; toon de maatschappij een spiegel van de werkelijkheid als je de veiligheid wilt verbeteren. Beleidsadviezen werken in vele gevallen gewoon niet. Uiteindelijk heeft het nog 22 jaar geduurd voordat de Onderzoeksraad voor Veiligheid er is gekomen. Het is maar goed dat er geen waarzegster is geweest die mij heeft gewaarschuwd dat het zo lang ging duren. Dan weet ik niet of ik het had gedaan.’

Uiteindelijk waren er ook rampen voor nodig.
‘Rond de Bijlmerramp in 1992 had de TU Delft het eerste Internationale Transportveiligheidscongres georganiseerd. De conferentie was gepland in november 1992 en de ramp vond plaats in oktober 1992. Door die verschrikkelijke gebeurtenis was iedereen aanwezig. De conferentie vormde voor de Tweede Kamer in 1993 de aanleiding om te komen tot een motie voor de instelling van de Raad voor de Transportveiligheid. En inderdaad vormden nog twee verschrikkelijke rampen, de vuurwerkramp in Enschede in 2000 en de cafébrand in Volendam, de aanleiding te komen tot de uiteindelijke instelling van de Onderzoeksraad voor Veiligheid in 2005. Dat was precies 22 jaar na mijn eerste brief hierover aan de minister.’

U spoedde zich altijd direct naar de rampplek.
‘Je moet als voorzitter toch weten wat de onderzoekers te wachten staat. En de slachtoffers of hun nabestaanden stelden het op prijs dat een onafhankelijk onderzoek werd ingesteld. Zij kregen hun geliefden er niet mee terug, maar iedereen wilde weten wat er zich precies had afgespeeld. Waarheidsvinding is voor hen, voor de verwerking van hun leed, van groot belang. Zij waren voor mij niet alleen de stimulans om zo lang voor het onafhankelijk onderzoek te strijden, maar ook om op dit gebied geen water bij de wijn te doen. Dat is me niet altijd in dank afgenomen.’

Op de rode loper in Scheveningen, 2013
Op de rode loper in Scheveningen, 2013 © Robin Utrecht / HH

Historicus Dorine Hermans schreef in haar boek Pieter van Vollenhoven, burger aan het hof dat u op een bepaald moment heeft gedacht: hupsakee, cocon eromheen en erin gaan zitten. Ze schrijft: ‘Dat gevechtspantser heeft Pieter minder kwetsbaar gemaakt, maar hij heeft er ook een prijs voor betaald. Hij zet zich te vaak schrap, ook op momenten dat het niet hoeft.’ Bijvoorbeeld toen u op uw 70ste verjaardag door uw vrienden werd toegejuicht. ‘Het moet heel emotioneel voor hem zijn geweest’, zei een oude studentenvriend na afloop, ‘maar hij bleef afstandelijk, de rare zak.’
‘Nou, dat heeft er ook mee te maken dat ik me altijd goed voorbereid, dus de spontaniteit is dan wat weg. Als ik voor de vuist weg moet praten, sla ik soms dicht.’

Dorine Hermans zei: ‘Het heeft heel lang geduurd voordat Pieter erkenning kreeg en dat mensen zagen dat hij geen lapzwans was – terwijl: dat is wel het laatste wat hij is. Nog steeds staat hij in een soort werkstand. Het is een mate van inzet waar hij niet meer vanaf komt.’
‘Ik ben niet bezig te bewijzen dat ik geen lapzwans ben, maar ik ben wel bezig geweest met: ik móét van mijn leven iets maken. En als ik eenmaal de smaak te pakken heb, laat ik niet los. Net zoals wanneer je getrouwd bent; dan ga ik van het huwelijk ook wat maken. Zo ben ik gebakken.’

HEEFT UW NIET-AFLATENDE GEVECHT VOOR MEER VEILIGHEID ERVOOR GEZORGD DAT U ZELF WANTROUWIGER OF BANGER BENT GEWORDEN?

‘Ik ben absoluut veranderd en behoorlijk wantrouwiger geworden. We worden namelijk opgevoed met rooskleurige verhalen, maar de werkelijkheid is helaas fors anders. Er is op het gebied van de veiligheid nog veel te doen.’

U zou om veiligheidsredenen bij wijze van spreken een touwladder uit de slaapkamer hebben kunnen hangen?
‘Jazeker! Het begon al in mijn studentenkamer in Leiden, waar ik toen driehoog zat. Mijn vader was vroeger bij de vrijwillige brandweer en hij had een touw aan mijn bed geknoopt om het huis bij brand te kunnen verlaten. In ons huis in Oostenrijk heb ik ook zo’n constructie. Ik slaap ook nooit in een vliegtuig. Niet dat het helpt, hoor, je kunt beter slapen als je neerstort, denk ik. Maar dat weerhoudt me er niet van steeds te luisteren naar het geluid van de motor. Ik ben natuurlijk praktijkhoogleraar risicomanagement, dus ik vind dat je over dat soort dingen moet nadenken. Ook als je gaat duiken. Je moet niet gewoon vertrouwen hebben en denken dat er lucht in die fles zit, dus hup, naar beneden. Want als die fles verkeerd gevuld is, heb je wel een probleem. Ik ruik altijd wat er in zit. Je móét gewoon als een schoolmeester alles blijven controleren. Dat is tuttig, maar als het eenmaal in je zit, helpt het wel.’

Zeggen uw vrouw en kinderen weleens dat u een beetje doorslaat?
‘Eh, ja. Hij heeft het weer op zijn heupen, haha.’

Bij wat voor dingen is dat?
‘Nou, of het nu de bandenspanning is of dat je niks vergeten bent, je moet gewoon echt alles blijven controleren. En niet halverwege gaan roepen dat je de sleutels bent vergeten of het gas misschien niet hebt uitgezet. Dan moet je maar met checklists werken.’

Met de vier zonen en hun partners in 2007
Met de vier zonen en hun partners in 2007 © Edwin Janssen / HH

WERKT U ECHT MET CHECKLISTS?

‘Ja. Ik ben door die rapporten, moet ik heel eerlijk zeggen, wat veranderd, absoluut.’

Jan Terlouw hield onlangs een pleidooi voor meer vertrouwen, voor het touwtje uit de brievenbus. Hoe verhoudt u zich tot die boodschap?
‘Mijn grootste zorg is dat er tegenwoordig wordt gezegd dat veiligheid maar aan de professionaliteit van de sector overgelaten moet worden. Dat was vroeger een kerntaak van de overheid, maar de overheid kan het niet alleen. In de praktijk wordt er echter enorm gesjoemeld met de regels. Denkt u aan DuPont, waar tientallen jaren is gewerkt met een giftige stof die slecht was voor de gezondheid van de werknemers. Dat was bij de organisatie volledig bekend. Dan zeg ik: waar was het toezicht? Datzelfde geldt voor het gesjoemel met de software bij Volkswagen. Men hield zich op grond van economische motieven niet aan de regels. Daardoor groeit er een enorm wantrouwen in de maatschappij. Want de mensen worden met gesjoemel opgevoed en denken: wie kun je nog vertrouwen? Ik pleit daarom nu voor een nationale inspectie, want door dat gesjoemel is er geen vertrouwen meer, en ik ben het met Jan Terlouw eens dat dit funest is voor de maatschappij.’

Maar wat vindt u van zijn voorstel om weer touwtjes uit de brievenbus te hangen?
‘Zo ver zou ik eerlijk gezegd toch niet willen gaan. Je moet de kat ook niet op het spek binden.’

VOLGENS LOUIS VAN DIJK BENT U NIET ALLEEN OP HET TERREIN VAN DE VEILIGHEID ‘EEN TERRIËR’. MET HET PIANOTRIO DE GEVLEUGELDE VRIENDEN REPETEERDE U ZICH TE PLETTER EN U WAS VAAK ZO ZENUWACHTIG DAT U WIT ALS EEN VAATDOEK IN DE COULISSEN STOND.

‘Dat was ook zo. En Louis zat altijd lekker wijn te drinken en te knabbelen van tevoren. Nee, ik was altijd zenuwachtig. Het waren zalen van zevenhonderd tot tweeduizend man, dus we hadden een grote verantwoordelijkheid er wat van te maken. En dat van 1986 tot 2002! Maar het was een fantastische tijd. Alleen kon het op een gegeven moment niet meer, vanwege het werk.’

Volgens Louis van Dijk speelde ook mee dat u uw vingertopje verloor.
‘Ja, dat is met duiken afgekneld. Ik stond in mijn duikpak op de trap van de boot en lette niet goed op. Ik zette mijn handen in het scharnier van die trap en ik voelde hem klemmen. Het deed ongelooflijk pijn, maar ik voelde niet dat die vingertop eraf was. Dat zag ik pas toen ik later mijn handschoen uitdeed, daar lag mijn vingertop in. Gelukkig had ik een handschoen aan, anders was-ie naar de bodem gezakt. Een toestand! Aan boord hebben ze hem er weer aan genaaid.’

Onder verdoving?
‘Er was een arts die wel wat verdoving bij zich had, maar niet genoeg. Ik heb een handdoek over mijn hoofd gedaan zodat ik niets kon zien. Het was verschrikkelijk!’

EN NU KUNT U NIET MEER ZO GOED SPELEN?

Prins Bernhard met beide schoonzoons en een aanstaande schoonzoon, 1966
Prins Bernhard met beide schoonzoons en een aanstaande schoonzoon, 1966 © .

‘Nu zou het wel weer kunnen, maar ik heb er een streep ondergezet. We hebben veel plezier samen gehad en de concerten waren jarenlang de enige bron van inkomsten voor het Fonds Slachtofferhulp. Maar het werk nam aanzienlijk toe en dat liet zich niet meer verenigen met vijftien tot twintig concerten per jaar.’

Hoe is het verder met uw gezondheid, hoe gaat het met uw huidkanker?
‘Ik heb ontdekt dat als je weerstand wegvalt, dat dan die huidkanker weer kan terugkomen. In de tijd van de concerten had ik dat ook. Dan kreeg ik ineens veel last van longontstekingen en toen is de huidkanker ook weer teruggekomen. Maar nu, ik klop het even vrolijk af op deze notenhouten tafel, is het onder controle.’

Had u nou ook last van hartfalen?
‘Ik heb altijd een enigszins onregelmatig hart gehad, ook toen ik vloog voor de luchtmacht. Ik vond het prima als het hart eens wat onregelmatiger slaat. Later gingen de artsen zich daar toch wel zorgen over maken en werd er een hartkastje bij me ingebracht. Toen mocht ik niet meer duiken. Maar gelukkig heeft mijn lichaam zich goed hersteld. Volgens de fabrikant mag dat kastje tot 40 meter diepte, al is dat nooit getest. Dus u begrijpt, nu duik ik weer met veel plezier!’

Hoe is het met de gezondheid van uw zoon Bernhard, die lymfeklierkanker had?
‘Nu goed. Maar zekerheden zijn er niet in het leven, dus je moet je best doen. En dat doet hij ook. Hij heeft enorm gestreden. We hebben hem 24 uur per dag met zijn trouwste vrienden in het ziekenhuis vergezeld. We hebben er allemaal geslapen en die steun en aanwezigheid helpt. Ondanks het leed was het ook een reünie. En hij heeft de moed nooit opgegeven.’

Ons huwelijk werd gezien als een grote fout, maar het is en blijft de beste fout die ik ooit heb gemaakt

UW SCHOONMOEDER WAS TOTAAL NIET BANG VOOR DE DOOD, STAAT IN HET BOEK JULIANA. BENT U BANG VOOR ZIEKTE EN DE DOOD?

Huwelijk op 10 januari 1967
Huwelijk op 10 januari 1967 © ANP

‘Eerlijk gezegd gaat het me meer om de manier waarop je doodgaat. Als je vraagt: mag je als oudere het heft in eigen hand nemen om te zien hoe je dood mag gaan? Dan kunt u in mij een voorstander vinden. Want ik zit er niet op te wachten van het leven een lijdensweg te maken. Mijn vader is met een hartaanval in zijn slaap verrast. Nou, dat is fantástisch. Om jaloers op te zijn. Voor mijn moeder liep het anders af, zij kreeg een vorm van dementie. Dat heb ik vreselijk gevonden. Als je zag hoe ze in het tehuis zat – ik heb eindeloos piano voor haar gespeeld. Dat vond ze prachtig. Nee, het gaat om de wijze waarop en anders doe ik het liever zelf.’

Wat vindt u eigenlijk van het recentelijk verschenen boek over uw schoonmoeder?
‘Dat heb ik niet gelezen.’

Dat zei koning Willem-Alexander ook. Wordt dat onderling afgestemd?
‘Dat zou kunnen plaatsvinden, maar in dit geval is dat niet gebeurd. Ik houd ook niet zo van afstemmen, daar ben ik te onafhankelijk voor. Maar mijn schoonmoeder is voor mij altijd bijzonder aardig en hartelijk geweest en ik bewaar graag mijn eigen, dierbare herinneringen aan haar.’

Als u het hebt over waarheidsvinding, bent u dan niet geïnteresseerd in de waarheid over uw familie? Bijvoorbeeld over Bernhard?
‘Ook bij de Onderzoeksraad was het uitgesloten betrokken te zijn bij onderzoeken waarbij familieleden betrokken waren. In elke familie komen allerlei dingen voor. In de afgelopen vijftig jaar waren ook bij ons spanningen. Het was natuurlijk ingewikkeld, zowel bij de verkeersveiligheid als bij het onafhankelijk onderzoek, dat ik de enige in de familie was die regelmatig ruziede met ministers. Dat was in de familie geen gewoonte. Maar Margriet heeft mij altijd zeer loyaal gesteund. De buitenwereld was in het begin best bedreigend. Het huwelijk werd als onjuist gezien en het was ‘gedoemd om te mislukken’. Die spanningen brachten ons vooral nader tot elkaar, maar ze konden ook weleens leiden tot ruzies. Terugblikkend hebben we het echter nooit betreurd dat we met elkaar zijn getrouwd. Ons huwelijk werd gezien als een grote fout, maar het is en blijft de beste fout die ik ooit heb gemaakt.’

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s