Deze longarts bestrijdt de tabaksindustrie op alle fronten, van rechtszaal tot televisiestudio

 

Longarts Wanda de Kanter wil een keiharde aanpak

Tabaksfabrikanten zijn criminele multinationals, vindt longarts Wanda de Kanter (58). Ze bestrijdt de tabaksindustrie op alle fronten, van de rechtszaal tot de televisiestudio. En keihard, want ‘je kunt brave voorlichting blijven geven tot je een ons weegt’.

‘Hij is ervaren, zit al dertig jaar in het vak. Blijft altijd rustig, charmant, alles glijdt van hem af.’

‘En hij denkt dat hij jou kan tackelen. Anders komt-ie niet.’

‘Precies. En dat maakt me zenuwachtig.’

Beklim de wenteltrap van het advocatenkantoor aan de Amsterdamse Falckstraat en je zult ze er regelmatig zien zitten: advocate Bénédicte Ficq en longarts Wanda de Kanter. Het duo bereidt een strafzaak voor die in binnen- en buitenland veel opzien baart. Met kankerpatiënten en organisaties als KWF Kankerbestrijding klagen ze vier tabaksfabrikanten aan wegens poging tot moord, opzettelijke benadeling van de gezondheid en valsheid in geschrifte.

Maar vandaag zijn ze samen voor een debattraining. Wanda de Kanter maakt zich op voor een tv-uitzending waarbij ook een topman van Philip Morris Benelux zal aanschuiven. Hoewel de 58-jarige longarts al jaren strijd voert tegen de tabaksindustrie en al hun argumenten kent tot het laatste asdeeltje, maakt de ontmoeting haar toch onzeker. Niet eerder keek ze deze topman recht in de ogen. Ondertussen zijn de belangen enorm: ergens de komende weken of maanden beslist het Openbaar Ministerie of het de tabaksindustrie werkelijk gaat vervolgen. Naast het juridische werk achter de schermen is het kneden van de publieke opinie daarbij cruciaal.

De tekst gaat door onder de afbeelding.

Wanda de Kanter bereidt zich met haar advocaat Bénédicte Ficq voor op een confrontatie op tv met een topman van Philip Morris.
Wanda de Kanter bereidt zich met haar advocaat Bénédicte Ficq voor op een confrontatie op tv met een topman van Philip Morris. ©

‘Je moet uitkijken dat je niet in zijn val loopt’, zegt Ficq. ‘Hij zal proberen argumenten naar voren te brengen waar jij emotioneel van wordt. Vervolgens gaat hij rustig achterover leunen en denkt: ga jij maar even het emotionele vrouwtje uithangen.’

De Kanter perst haar lippen op elkaar. ‘Dat is inderdaad een gevaar.’

Want boos worden kan ze, op de makers van de sigaretten waarvan ze de gevolgen elke dag in haar spreekkamer ziet in het Antoni van Leeuwenhoek. Zelf rookte De Kanter vanaf haar 12de. Pas vele jaren later, na een tirade van haar eigen dochter (‘Je bent gestoord! Ik wil niet dat je jong doodgaat! Je bent longarts!’) lukte het haar definitief te stoppen.

Volgens De Kanter is een roker ‘een soort kwijlende pavlovhond waarbij de hele dag belletjes afgaan. Kopje koffie? Daar hoort een sigaretje bij. Stressmoment? Sigaretje erbij. Moment van ontspanning? Sigaretje erbij.’

Prooi van de fabrikanten

Het is de kern van haar aanklacht tegen de tabaksindustrie: mensen kiezen er niet zelf voor om sigaretten te blijven roken, maar zijn een prooi van fabrikanten die sigaretten bewust zo verslavend mogelijk maken, terwijl die fabrikanten wéten hoe dodelijk hun producten zijn. De Kanter: ‘Nicotine is net zo verslavend als cocaïne en heroïne, met dit verschil dat het op elke straathoek voor een paar euro te koop is. Naast de nicotine voegen de fabrikanten extra stofjes toe om sigaretten nóg verslavender te maken, zoals suiker, hoestdempers en ammoniak. Hun campagnes richten ze specifiek op jongeren, die ze in interne rapporten replacement smokers noemen. Die kinderen hebben ze nodig als nieuwe klanten, om de dode rokers te vervangen.’

Jaarlijks sterven volgens de Wereld Gezondheidsorganisatie WHO wereldwijd meer dan zes miljoen mensen door roken. Van elke drie rokers gaan er twee dood aan hun verslaving. Het kan zo niet langer, was de collectieve roep onlangs bij een internationale bijeenkomst van advocaten en officieren van justitie in Genève waar De Kanter sprak over haar strafzaak tegen de tabaksindustrie.

Een van de aanwezigen: Amos Hausner, zoon van de Israëlische procureur generaal die na de Tweede Wereldoorlog Holocaust-regisseur Adolf Eichmann vervolgde. Vijftig jaar later, bij een herdenking van dit historische proces, noemde Amos Hausner bij de Verenigde Naties de daden van tabaksfabrikanten al eens ‘een misdaad tegen de menselijkheid’. In Genève volgde Hausner de presentatie van De Kanter en beargumenteerde daarna waarom tabaksfabrikanten aangeklaagd moeten worden voor moord: ‘Omdat ze verantwoordelijk zijn voor jaarlijks zes miljoen doden’.

Clusterbommen

Bij Wanda de Kanter thuis.
Bij Wanda de Kanter thuis. © Jiri Buller

Wegvagen van de maatschappelijke steun voor tabaksfabrikanten is een cruciaal onderdeel van De Kanters strategie. Ze verwijst naar een recente verklaring van United Nations Global Compact, een initiatief van de Verenigde Naties om bedrijven te stimuleren duurzaam en sociaal verantwoord te handelen. Vorige maand verklaarde UNGC tabaksfabrikanten uit te sluiten van deelname. De Kanter: ‘Daarmee staan tabaksfabrikanten nu in een rijtje met producenten van clusterbommen. Daar wil je toch niks mee te maken hebben?’

De Kanter bewandelt het traditionele lobbypad, onder meer door bij ministeries en politieke partijen te pleiten voor hogere accijnzen en strengere wetgeving. Maar de longarts kiest ook regelmatig voor de schijnwerpers. Bij een TED-praatje samen met collega-longarts Pauline Dekker speelde De Kanter al eens een longkankerpatiënte liggend in een doodskist. De Kanter won twee keer op rij de Vrouw in de Media Award en is nu met rapper Sticks te zien in een spotje van verzekeringsmaatschappij ASR: ‘Er zijn twintigduizend sterfgevallen per jaar door de saffies. Dus investeer mijn money niet in de tabaksindustrie.’

Edith Schippers: minister van tabakwerkgevers

TabakNee

Maar De Kanter bedient zich ook van een andere strategie om haar boodschap over te brengen: die van de schandpaal. Over Irene Asscher-Vonk, commissaris bij Philip Morris en moeder van PvdA-leider Lodewijk Asscher, zegt ze: ‘Philip Morris heeft haar natuurlijk alleen voor zo’n baantje gevraagd vanwege de korte lijntjes met haar zoon. Dat ze dat niet ziet!’ (Asscher-Vonk laat per e-mail weten ‘geen aanleiding te zien om te reageren’.)

De Kanter is mede-oprichter van de website TabakNee, met een eigen redactie die profielen schrijft over politici en bestuurders die de tabaksindustrie zouden steunen. De longarts levert ideeën aan voor artikelen en ‘ziet het meeste voordat het online gaat, zeker als het politiek gevoelig ligt’.

Over Elco Brinkman (CDA, voormalig minister van Volksgezondheid en van 2005 tot 2011 commissaris bij Philip Morris) schrijft TabakNee: ‘Is er een steekje los bij deze beroepsbestuurder? Nota bene heeft hij zelf kanker gehad. Hij is kaal geworden door de chemotherapie en heeft pijn geleden.’ TabakNee introduceert voormalig minister Edith Schippers (Volksgezondheid, VVD) in de kop van haar profiel met: ‘Edith Schippers: minister van tabakwerkgevers.’

De tekst gaat door onder de afbeelding.

Deze longarts bestrijdt de tabaksindustrie op alle fronten, van rechtszaal tot televisiestudio
© Jiri Buller

Erik Ziengs, woordvoerder preventie van de VVD reageert: ‘Laat ik vooropstellen dat de VVD van mening is dat roken slecht is. We moeten voorkomen dat kinderen gaan roken en we moet volwassenen aanmoedigen te stoppen. Tegelijkertijd moeten we erkennen dat volwassen het recht hebben onverstandige keuzes te maken. Maar het plaatsen van ongefundeerde beschuldigingen op de site van TabakNee draagt op geen enkele manier bij aan het maatschappelijk debat over roken. De VVD is normaal gesproken altijd bereid om in gesprek te gaan over maatschappelijke problemen. Helaas maakt de onplezierige werkwijze van TabakNee dat onmogelijk.’

Is het grof geschut van TabakNee echt nodig? De Kanter. ‘Je kunt brave voorlichting geven tot je een ons weegt. Maar ondertussen rookt nog een kwart van de Nederlanders en blijft de tabaksindustrie onze kinderen targetten. Dan komt er een moment waarop ik zeg: oké, nu ga ik harder terugslaan. Wij ontmaskeren mensen die achter de schermen de tabaksfabrikanten steunen. Ik wil dat ze worden aangesproken op feestjes. Gadver, werk jij voor de tabaksindustrie?’

De Kanter geeft ook Corien Wortmann, voorzitter van het grote pensioenfonds ABP dat in de tabaksindustrie investeert, ervan langs. ‘Het pensioenfonds van ambtenaren en onderwijzers zet zijn geld weg in de tabaksindustrie, daar kun je met je hoofd toch niet bij? Het is zó onethisch.’

De kritiek van De Kanter op het ABP, onder meer via een video op Twitter waar ze Wortmann rechtstreeks aanspreekt, haalde tot nu toe niks uit. Een ABP-woordvoerder laat weten dat het fonds nog steeds investeert in tabak ‘al is het wel een belangrijk discussiepunt onder onze leden en binnen ons bestuur’.

Ondertussen voert De Kanter de druk alweer op via een omweg. ABP-voorzitter Wortmann is ook voorzitter van Stichting Save the Children. Vorig jaar publiceerde Human Right Watch over kinderarbeid op tabaksplantages. De Kanter: ‘Zo’n rapport probeer ik dan via een adviseur van Wortmann op haar bureau te krijgen. Op een gegeven moment moet het toch aan haar geweten gaan knagen.’

Sjoemelsigaret

Wat heeft De Kanter concreet bereikt in haar strijd tegen de tabaksindustrie? Veranderingen in gezondheidsbeleid zijn niet toe te rekenen aan één persoon, vindt ze, maar lukken alleen met krachtige netwerken. Toch wil ze wel wat wapenfeiten noemen. Na onder meer een rechtszaak tegen de staat van de Stichting Rookpreventie Jeugd (De Kanter is er voorzitter) stuurde staatssecretaris Van Rijn (Volksgezondheid) een brief aan alle overheidsinstanties waarin hij ambtenaren wijst op de strenge regels rondom contacten met de tabaksindustrie.

Diezelfde Van Rijn maakte vorige week bekend een einde aan de ‘sjoemelsigaret’ te willen maken, een punt waar De Kanter zich ook al lang hard voor maakt. Doordat fabrikanten gaatjes maken in de filters die consumenten met mond en vingers dichtknijpen, krijgen rokers meer kankerverwekkende stoffen binnen dan blijkt uit de huidige meetmethode. Maar het belangrijkste vindt De Kanter dat patiënten zich minder schuldig voelen dat ze gerookt hebben en in rechtszaken de strijd aangaan met de industrie die hen aan de verslaving heeft geholpen.

Op andere fronten verloopt de antitabakslobby echter stroever. De Kanter: ‘Zo gaan in Nederland de accijnzen niet elk jaar verplicht omhoog en er is nog steeds geen beperking van het aantal verkooppunten. Het kantelpunt in de strijd is nog niet bereikt.’

Ondertussen zit ook de tabaksindustrie niet stil. Onlangs maakte Philip Morris producent van onder meer Marlboro bekend 1 miljard dollar te steken in een stichting om een ‘rookvrije wereld’ te creëren en onderzoek te doen naar rookloze alternatieven. Zelf lanceerde Philip Morris dit jaar in Nederland de IQOS, een trendy vormgegeven elektronische sigaret die tabak niet verbrandt maar alleen verhit. Volgens de tabaksfabrikant komen er bij dit apparaatje beduidend minder schadelijke stoffen vrij dan bij de gewone sigaret.

De kern van het betoog van Philip Morris: ook wij beseffen dat roken schadelijk is, ook wij vinden het beter als mensen helemaal stoppen met roken, maar als dat niet lukt, is het goed om hun een minder schadelijk alternatief aan te bieden.

Robert Wassenaar, director corporate affairs Benelux bij Philip Morris, trekt een parallel met de autoindustrie. ‘De overheid introduceert wetgeving die gebruikers van een benzine- of dieselauto stimuleert over te stappen op elektrische auto’s. Door een grotere vraag naar deze auto’s stimuleert dat weer het bedrijfsleven om te innoveren om nog betere elektrische auto’s te ontwikkelen. Wij zijn ervan overtuigd dat soortgelijke principes ook toegepast zouden moeten worden bij het terugdringen van de schadelijkheid van tabaksgebruik.’

De Kanter met rapper Sticks in een reclamespot van verzekeringsmaatschappij ASR.
De Kanter met rapper Sticks in een reclamespot van verzekeringsmaatschappij ASR.© ASR

Achilleshiel

‘Mevrouw De Kanter, hoe kunt u als longarts nou tegen een minder schadelijk product zijn als de IQOS?’, zegt Ficq, die voor de training voor het tv-debat de rol van Wassenaar speelt. ‘Het lijkt wel of u de gezondheid van de roker niet echt wilt beschermen.’

De Kanter: ‘Het is helemaal niet bewezen dat het minder schadelijk is. In JAMA, een belangrijk medisch wetenschappelijk tijdschrift, staat dat er heel veel kankerverwekkende stoffen in zitten. Het is tenslotte gewoon weer tabak. Hoeveel doden zijn we bereid te accepteren van dit nieuwe product? Bij fipronil-eieren nul, bij kunstgraskorrels nul, bij…’

‘Stop, te lang.’

Samen pellen de twee vrouwen de redeneringen van Philip Morris af, soms zelfs met enige bewondering voor de communicatiestrategie van de opponent. (‘Het is natuurlijk wel rázendslim dat ze het zo brengen.’) Daarna zoeken ze naar de achilleshiel van de argumentatie van de tabaksfabrikant. Om te beginnen: het pleidooi voor een rookloze samenleving is hypocriet. Want als Philip Morris werkelijk wil dat minder mensen de klassieke sigaret roken, waarom deelt het dan in landen met minder strenge wetgeving juist sigaretten uit aan jongeren, zoals deze zomer bleek uit onderzoek van persbureau Reuters?

En als Philip Morris echt zo begaan is met de gezondheid van toekomstige generaties, waarom rolt het bedrijf dan in tientallen landen van Brazilië tot Zwitserland een reclamecampagne uit die zich volgens antitabaksorganisaties juist op jongeren richt. Bijvoorbeeld een poster van een zoenend stelletje, met een pakje gewone sigaretten en de leus ‘Don’t be a maybe, be Marlboro’.

En dan dat onderzoek van Philip Morris waaruit zou blijken dat hun nieuwe sigaret minder schadelijk is. Dat lijkt verdacht veel op het verhaal waarmee de fabrikanten ooit light-sigaretten op de markt zetten. Europa heeft het gebruik van woorden als ‘light’ en ‘mild’ op sigarettenpakjes verboden, want Light-sigaretten zijn minstens zo schadelijk als gewone sigaretten. Dat blijkt uit onderzoek van onder meer het RIVM.

Hij denkt: wat gebeurt mij nou, waar gaat dit fokking naartoe?

Ficq: ‘Dát is een goede: hij gebruikte eerder precies dezelfde argumenten en dat bleken leugens te zijn. Probeer hem te ontmaskeren, met kleine afgemeten vragen.’

De Kanter: ‘Hoe dan?’

‘Leun lichtjes naar voren en vraag: Meneer Wassenaar, hoe lang werkt u nu al voor Philip Morris? Dan zegt hij: dertig jaar. Maar hij zal uit zijn jive raken. Hij denkt: wat gebeurt mij nou, waar gaat dit fokking naartoe?’

‘En dan?’

‘Vervolgens zeg je: Dan heeft u nog meegemaakt dat uw bedrijf light-sigaretten op de markt bracht, die zogenaamd minder schadelijk zouden zijn dan gewone sigaretten, toch?’

‘Daar kan hij alleen maar ja op zeggen.’

‘Vervolgens vraag je hem of die sigaretten nu verboden zijn omdat ze tóch hartstikke kankerverwekkend bleken te zijn. Kan hij ook alleen maar ja op antwoorden. Denk je dat daarna ook nog maar iemand zijn IQOS-riedel gelooft? Van zo’n onbetrouwbare man die mensen gebruikt als proefkonijnen?’

Gewapend met verbale munitie verlaat De Kanter het advocatenkantoor. Op de stoep staat een van de medewerkers van het kantoor te roken. Op het moment dat hij de longarts herkent, zegt hij met een glimlach: ‘Heb ik weer. Betrapt door Wanda herself.’

Verrast

‘U beschermt de traditionele sigaret, mevrouw De Kanter.’

Geen rollenspel met advocate Ficq deze keer, maar de echte Robert Wassenaar, tijdens de tv-uitzending van Kassa over de introductie van de nieuwe ‘rookloze en minder schadelijke’ sigaret van Philip Morris.

De Kanter wist dat dit verwijt zou komen. Pareerde het al eerder in de uitzending door uit te leggen dat er maar één echt veilig alternatief is voor roken: stoppen met roken. Overstappen op de IQOS vergeleek De Kanter voor de kijkers thuis met ‘mensen niet meer van tien hoog naar beneden laten springen, maar van zeven hoog’.

Toch is ze verrast door het slotoffensief van Wassenaar, wanneer hij zegt: ‘Uw eigen club, waar u lid van bent, de International Association For The Study of Lung Cancer, bepleit ook de overstap naar rookloze alternatieven.’

Zelf vindt ze achteraf dat ze niet bij Kassa had moeten aanschuiven

Wassenaar slaat een vel papier open op zijn tafel. ‘Ik citeer’, begint hij. ‘Dit zou vervolgens een diepgaand effect hebben op de cijfers voor longkanker de komende tientallen jaren. Wat u in feite doet wellicht onbedoeld u beschermt de traditionele sigaret, mevrouw De Kanter. De fabrikanten waar u zo’n hekel aan hebt, die geen cent gestoken hebben in rookloze alternatieven, die beschermt u.’

De Kanter verlaat de uitzending met een rotgevoel en mailt direct met Colleen Miller, de communicatiedirecteur bij de International Association For the Study of Lung Cancer (IASLC). Hoe zit dit? Miller kan het pleidooi in eerste instantie niet vinden, maar stuit dan op een paar zinnen in een document van de IASLC uit 2015. Het staat er inderdaad, als vijfde en laatste in een rij aanbevelingen.

Miller noemt het ‘zeer verontrustend’ dat Philip Morris het fragment nu gebruikt om zijn nieuwe product te promoten. Ze zet het direct op de agenda voor de volgende IASLC-bijeenkomst. Anderhalve week na de uitzending, op haar kantoor in het Antoni van Leeuwenhoek, noemt De Kanter de zin in het document een ‘communicatieblunder van jewelste’. Prima als de IASLC een rol ziet weggelegd voor rookloze alternatieven, maar dan wel met de uitdrukkelijke toevoeging dat onafhankelijk onderzoek eerst moet aantonen dat die niet schadelijk zijn, en alleen bedoeld voor mensen die écht niet kunnen stoppen met gewoon roken.

De Kanter in een doodskist bij een TED-praatje samen met collega-longarts Pauline Dekker.
De Kanter in een doodskist bij een TED-praatje samen met collega-longarts Pauline Dekker.©

‘Door het ontbreken van zo’n toevoeging geef je de tabaksindustrie een wapen. Die bedrijven geven miljoenen uit aan adviseurs die de hele dag naar dit soort zwakke punten zoeken.’ Ze wijst op een ingezonden brief in Het Parool, van een andere Philip Morris-topman, onder de kop ‘Geef Rookloos Alternatief voor sigaretten een kans’. Inderdaad, daar is-ie weer, het argument dat zelfs de IASLC pleit voor rookloze alternatieven omdat die ‘de komende decennia een drastische vermindering van het aantal gevallen van longkanker tot gevolg zouden hebben’.

Wetenschappers die schrijven over tabak en roken moeten zich veel bewuster zijn van hoe de tabaksindustrie hun conclusies kan misbruiken, zegt De Kanter. Zelf vindt ze achteraf dat ze niet bij Kassa had moeten aanschuiven. ‘Je geeft zo’n man daardoor toch een podium.’

Niet dat De Kanter uit het veld geslagen is, overigens. Want ze is ervan overtuigd dat de strijd tegen de tabaksfabri-kanten uiteindelijk gewonnen zal worden. Hier, zegt ze, en wijst op een fragment in het nieuwe regeerakkoord. Rutte III gaat de accijnzen op tabak verhogen en steunt de doelstelling om een rookloze generatie te creëren. ‘Ik pleitte voor de programmacommissie van de VVD voor dergelijke maatregelen. In hun verkiezingsprogramma zag ik er niks van terug, maar nu dit: erg positief.’

Het opmerkelijke is: Wassenaar van Philip Morris ziet óók kansen in het nieuwe regeerakkoord. ‘Rookloze producten met name elektronische sigaretten en producten zoals IQOS waarbij tabak wordt verwarmd in plaats van verbrand kunnen een enorme bijdragen leveren aan deze doelstelling.’ En: ‘Het is onze doelstelling om de traditionele sigaret zo snel mogelijk uit te faseren en te vervangen door rookloze alternatieven.’

Geconfronteerd met dit commentaar van Wassenaar, schakelt De Kanter direct haar netwerk in voor een tegenreactie. Binnen no time valt bij de auteur van dit artikel een e-mail in de inbox van het Trimbos Instituut en de Aliantie Nederland Rookvrij, van onder meer Het Longfonds, KWF en de Hartstichting. De Aliantie neemt afstand van de opmerkingen van Wassenaar en vindt dat producten zoals IQOS de verslaving juist in stand houden bij mensen die willen stoppen. Ook waarschuwt de Aliantie dat deze producten eraan kunnen bijdragen dat het gebruik van tabak weer als normaal wordt gezien.

De Kanter: ‘Wat Philip Morris volgens mij echt wil met die zogenaamde rookloze producten: rokers en niet-rokers weer binnenshuis samenbrengen, in kantoren, kroegen en woonkamers. Dat de handeling van iets in je mond stoppen en gelukzalig een walmpje uitademen weer net zo normaal wordt als een kopje koffie drinken. Dat is de grote geheime missie van de tabaksindustrie.’

Advertisements

Newton, Kepler, Descartes en Pascal stonden aan de basis van de moderne wetenschap. Allen zijn devote gelovige christenen.

 

Opinie: Wetenschap is juist in het christendom ontstaan

Het geloof heeft een esthetische en literaire component, maar is ook een drager van waarheid, betoogt hulpbisschop Rob Mutsaerts.

Newton, Kepler, Descartes en Pascal stonden aan de basis van de moderne wetenschap. Allen zijn devote gelovige christenen. En wat te denken van de 19de-eeuwse fysici Faraday, Maxwell en de grondlegger van de bigbang-theorie, de priester Lemaître? En van gelovige geleerden als C.S. Lewis en G.K. Chesterton?

Het uitgangspunt van de Kerk is altijd geweest dat, juist omdat de gehele schepping voortkomt uit de ene Schepper, er geen conflict kan zijn tussen de bijbelse geopenbaarde waarheid en de waarheid die we ontdekken met ons verstand

Hulpbisschop Rob Mutsaerts.
Hulpbisschop Rob Mutsaerts. ©

De moderne wetenschappen zijn ontstaan in christelijke milieus, in christelijk Europa, juist daar waar men geloof hechtte aan een door God geschapen wereld die uit haar aard voor de rede vatbaar was en derhalve de moeite waard om onderzocht te worden. Katholicisme is – anders dan Dawkins beweert – bepaald geen vijand van de wetenschap en heeft nimmer de neiging gehad zich tegenover de wetenschap te verdedigen. Het uitgangspunt van de Kerk is altijd geweest dat, juist omdat de gehele schepping voortkomt uit de ene Schepper, er geen conflict kan zijn tussen de bijbelse geopenbaarde waarheid en de waarheid die we ontdekken met ons verstand. Wat de empirische wetenschappen ook mogen ontdekken, een conflict met het geloof levert het niet op. De zogenaamde strijd tussen wetenschap en geloof is vooral een spookgevecht.

Een van de briljantste atheïsten, Bernard Shaw, gaat lijnrecht tegen Dawkins in. Shaw vond dat hij nooit het gedachtengoed van de katholieke kerk kon delen vanwege haar extreme rationalisme. Hij heeft nog gevoel voor humor ook – ‘ik ben een atheïst, en daar ben ik God dankbaar voor’ – waar ik Dawkins niet op kan betrappen. Shaw had gelijk: de katholieke kerk heeft nooit gezegd dat de rede niet de geëigende manier is om de realiteit te kennen of dat iemand het recht had wat dan ook op onredelijke wijze te benaderen.

Opinie: Wetenschap is juist in het christendom ontstaan
© AFP

Dawkins is aanhanger van het sciëntisme: de aanname dat realiteit zich beperkt tot wat empirisch waarneembaar is. Het succes van de natuurwetenschappen (tot uiting komend in de technologie die we dagelijks tegenkomen en die het leven op veel punten een stuk aangenamer heeft gemaakt) heeft velen ervan overtuigd dat er buiten het zichtbare en meetbare niets is – alleen fantasie, bijgeloof en primitief geloof.

Materialisten als Dawkins willen er niet bij stilstaan dat er buiten het empirische nog andere dimensies van realiteit kenbaar zijn op een niet-wetenschappelijke, maar toch rationele manier. Het zijn de blinde vlekken die het sciëntisme heeft voor literatuur, filosofie, metafysica en religie.

Geloof is geen wetenschap, maar veeleer verwant aan filosofie, poëzie en literatuur. Heeft het een esthetische dimensie? Zeker. Heeft het een literaire component? Zeker. Maar het is ook drager van waarheid. Sciëntisme, dat dit alles uitsluit, sluit de rijkdom van het menselijk kennen uit. Sciëntisme spreekt zichzelf ook tegen. Zijn bewering dat wetenschap de enige manier is om toegang te krijgen tot kennis, kun je niet empirisch vaststellen. Die bewering is filosofisch van aard. En van filosofie beweert het sciëntisme nu juist dat het geen drager van waarheid is.

Atheïsten zouden gelijk hebben als gelovigen God zouden zien als een onzichtbaar vriendje en religie een kwestie van onrealistisch wensdenken zou zijn

En dan beweert Dawkins dat het doelloze ons bestaan niet zinloos of waardeloos maakt, maar dat het een geschenk is dat we in dit toevallige heelal mogen leven. Jean-Paul Sartre en Albert Camus waren er ook van overtuigd dat God niet bestond, maar trokken daaruit wel de logische conclusie dat het bestaan leeg en zinloos is. Een atheïst kon in hun ogen niet tot een andere conclusie komen. Ze voelden een verlangen naar zin en vervulling, maar niets in deze wereld kon hun dit geven. Vandaar dat zij verklaarden dat het leven absurd is en dat vrijheid derhalve een lege huls is.

Ik ben het geenszins met Sartre en Camus eens dat God niet bestaat, maar zij volgden tenminste een heldere logica. De existentialisten zouden nooit zeggen: God bestaat niet, maar maak je niet druk, je hebt hem niet nodig.

Atheïsten zouden gelijk hebben als gelovigen God zouden zien als een onzichtbaar vriendje en religie een kwestie van onrealistisch wensdenken zou zijn. Dan zou ik ook atheïst worden. Maar onze atheïstische vrienden zitten er helemaal naast als zij menen dat het zich overgeven aan een realiteit die zich aan onze waarneming onttrekt, kinderlijk en mensonterend is. Het is een merkwaardig vooroordeel dat alleen het empirisch waarneembare voor ‘realiteit’ door kan gaan.

Rob Mutsaerts is hulpbisschop van het bisdom ‘s-Hertogenbosch.

Communist Party of China is facing a losing war in their fight against the Internet and the changing values of the nation’s youth.  

Red China Collapsing: Chinese Communist Propaganda Is Not Catching On With The Youth

Mao Zedong must be spinning in his grave. The Chinese youth are not really buying into the communist propaganda peddled by the government and that’s making some government officials very nervous. The red flags were shown when a propaganda film about the founding of the People’s Liberation Army totally flopped at the box office. It was also mocked by the younger generation (via Newsweek):

Chinese people are increasingly ignoring party propaganda and are much more interested in movie stars, who represent a new lifestyle and more exciting aspirations,” Willy Lam, an expert on Chinese politics at the Chinese University of Hong Kong, told the Associated Press.

While the Communist Party once exercised an iron grip on what it’s citizens saw and read, a loosening of restrictions means that propaganda must now compete with movies and dramas produced by the country’s booming entertainment industry, and the stars it has spawned.

Fathers of the Army is not the only expensive government-sponsored movie to lose out in the popularity stakes.

In October, The South China Morning Post reported that Sky Hunter, which was hatched at the instigation of military propaganda chiefs and featured two of the country’s youthful a-list stars, also flopped at the box office on its opening weekend.

Behind the spate of glossy but clumsy propaganda blockbusters is a drive by Chinese President Xi Jinping to spread traditional Chinese values among youths seduced by celebrity culture and consumerism.

Authorities have capped the high pay commanded by TV stars, moved to close down celebrity gossip accounts on social networking site Weibo, and a called on web giants behind the Great Firewall of China to actively propagate core socialist values.

Yet, observers noted that the Communist Party of China is facing a losing war in their fight against the Internet and the changing values of the nation’s youth.

Townhall

 

Op gevangenisbezoek bij ‘dodenpiloot’ Julio Poch

 

 

 

Poch vormde onderdeel van Operatie Zeemeermin, zo blijkt uit documenten van defensie. Die operatie hield zich onder meer bezig met ‘bevolkingscontrole’, een eufemisme voor het uitroeien van subversieven.

De aanklagers zeggen ook meerdere aanwijzigingen te hebben dat Poch tijdens de dictatuur wel degelijk heeft gevlogen in vliegtuigen die zijn gebruikt voor de dodenvluchten. Zo zou hij bij een sollicitatie in 1979 tegen Aerolineas Argentinas hebben gezegd dat hij, behalve met eenpersoons gevechtsvliegtuigen, ervaring had met personenvliegtuigen. Poch ontkent dit, maar de aanklagers zetten door. In december 2015 eisen ze levenslang.

 

Hoe Argentinië nog worstelt met zijn Videla-verleden

Argentinië is nog lang niet in het reine met de periode van de Videla-dictatuur. Het vonnis over ex-Transavia-piloot Julio Poch wordt in november uitgesproken. Honderden anderen wachten op een uitspraak in hun proces.

Op de binnenplaats hangt een verroeste schommel. Eigenlijk is dit deel van de gevangenis bedoeld voor vrouwelijke gedetineerden met inwonende jonge kinderen. Het ziet er hier allemaal wat vriendelijker uit dan in de rest van de gebouwen en er mag elke dag bezoek komen. Drie jaar geleden moesten de vrouwen wijken voor de mannen op leeftijd. Het ziekenhuis is hier om de hoek, vandaar.

Ze hebben levenslang geëist. Maar ik heb er alle vertrouwen in dat ik word vrijgesproken

Julio Poch

De ‘vleugel voor misdaden tegen de menselijkheid’ wordt nu bevolkt door bijna honderd mannen. De Argentijns-Nederlandse piloot Julio Poch is met 65 jaar een van de jongste bewoners. Hij wordt beschuldigd van het uitvoeren van dodenvluchten tijdens de dictatuur (1976-1983). Gevangenen van het regime werden destijds gedrogeerd uit vliegtuigen gegooid. Iedere woensdag vertrok er een dodenvlucht, zo vertelde een van de betrokken marineofficieren jaren later. In totaal zouden op die manier zo’n tweeduizend lichamen zijn gedumpt.

‘Het einde is in zicht’, aldus Poch, die verantwoordelijk wordt gehouden voor dertig van de slachtoffers en sinds 2009 in voorarrest zit. De uitspraak is gepland voor eind november. Voorzichtig giet hij heet water uit een thermoskan in een mok met oploskoffie. Hij gooit wat poedermelk en zoetstof bij de koffie, en roert langdurig. ‘Ze hebben levenslang geëist’, vertelt hij. ‘Maar ik heb er alle vertrouwen in dat ik word vrijgesproken.’

Terwijl Poch in Nederland ten tijde van zijn arrestatie de voorpagina’s haalde, doet zijn naam bij de meeste Argentijnen geen belletje rinkelen. Zijn zaak vormt onderdeel van een megaproces met ruim zestig verdachten, allemaal gerelateerd aan ESMA, een illegaal detentiecentrum in Buenos Aires. De ‘megazaak ESMA’ is slechts een van honderden rechtszaken tegen mensenrechtenschenders uit de dictatuur.

Archieffoto van Julio Poch
Archieffoto van Julio Poch © AFP

Argentinië loopt wereldwijd voorop als het gaat om het vervolgen van juntaleden en hun ondergeschikten. Rechters hebben meer dan zevenhonderd militairen, mariniers, politieagenten en een enkele burger uit de dictatoriale tijd schuldig bevonden aan misdaden tegen de menselijkheid. De meeste veroordeelden komen nooit meer vrij. Ze hebben de maximale straf van 25 jaar gekregen en zullen sterven voordat ze die hebben uitgezeten.

Honderden anderen zitten net als Poch vast in afwachting van de uitspraak. Het is een heksenjacht, vindt Poch. ‘Ik begrijp best dat slachtoffers en nabestaanden verdriet en pijn hebben’, zegt hij. ‘Maar niet iedereen die tijdens de dictatuur voor de staat werkte is schuldig aan misdaden. Veel van ons deden gewoon ons werk.’

Zelf werkte hij destijds voor de marine, als piloot van een eenpersoons gevechtsvliegtuig. Hij erkent dat de staat hard optrad tegen burgers, maar noemt dat onvermijdelijk. ‘Er was een groep terroristen die van Argentinië een communistische staat wilde maken’, zegt hij. ‘De regering voerde oorlog om dat te voorkomen. En in een oorlog vallen nu eenmaal slachtoffers.’

Linkse guerrilla

De dictator richt zijn pijlen niet alleen op gewapende guerrillero’s, iedereen met linkse sympathieën blijkt doelwit

Poch begint in 1974 zijn carrière als marinepiloot. Het is de tijd dat linkse guerrillastrijders op veel plaatsen in Latijns-Amerika proberen het Cubaanse voorbeeld te volgen. Argentinië is geen uitzondering, guerrillabewegingen ERP en Montoneros dromen ervan een socialistische staat te stichten. Ze laten bommen ontploffen in politiebureaus en voeren aanvallen uit op militaire doelen. Er vallen in de jaren zeventig tussen de 800 en 1.500 doden door guerrillageweld, de meeste slachtoffers zijn militairen, politieagenten of politici.

Als legerofficier Jorge Videla in 1976 een staatsgreep pleegt en belooft een einde te maken aan ‘de terreur’, staat een deel van de Argentijnse bevolking daar welwillend tegenover. De guerrillero’s zaaien angst, veel Argentijnen keuren de gewapende strijd af en verlangen naar rust. Maar de dictator richt zijn pijlen niet alleen op gewapende guerrillero’s, iedereen met linkse sympathieën blijkt doelwit.

De machthebbers ontvoeren studenten, journalisten en intellectuelen, en martelen hen in geheime detentiecentra. Ze laten zwangere gevangenen in leven tot na de geboorte van hun kind. De baby’s doen ze cadeau aan vrienden van het regime, die de kinderen moeten opvoeden tot ‘fatsoenlijke burgers’. De juntaleden blijven tot 1983 aan de macht en jagen 15- tot 30 duizend Argentijnen de dood in.

Foto's van tijdens de dictatuur verdwenen personen, op de Plaza de Mayo.
Foto’s van tijdens de dictatuur verdwenen personen, op de Plaza de Mayo. © GETTY

Vijfendertig jaar later heeft Argentinië een redelijk gezonde democratie. Maar de geesten uit het verleden hebben nog lang geen rust gevonden. Ze hangen als schaduwen boven verkiezingsdebatten, veroorzaken verdeeldheid onder de bevolking en spoken door de gangen van gerechtsgebouwen.

Want de Argentijnen worstelen met hun geschiedenis. Videla en zijn kornuiten waren zieke criminelen, daar is vrijwel iedereen het wel over eens. Maar wat is de verantwoordelijkheid van ondergeschikten, van ‘zij die slechts bevelen uitvoerden’?

En hoe kun je als samenleving met zo’n gruwelijk verleden in het reine komen? Ook daarover verschillen de meningen. ‘We moeten blijven graven’, zegt een meerderheid van de bevolking. ‘Alle details moeten boven, zonder waarheid en gerechtigheid geen verzoening.’ Een kleinere groep gooit er liever zand over. ‘Het land moet verder’, zeggen ze. ‘We moeten ons op de toekomst richten.’

Wat is de verantwoordelijkheid van ondergeschikten, van ‘zij die slechts bevelen uitvoerden’?

Vooruitgang

Poch is ruim vier maanden geleden overgeplaatst naar de Ezeiza-gevangenis. Voorheen zat hij in Marcos Paz, op twee uur rijden van Buenos Aires. Hier zitten alleen verdachten en veroordeelden uit de dictatuur. Op zijn afdeling in Marcos Paz zaten ook militairen wegens niet-werkgerelateerde misdaden, zoals moord of verkrachting.

‘De verhuizing was een grote vooruitgang’, vindt Poch. ‘In Marcos Paz waren ze veel strenger met bezoek, het water was koud, het eten slecht.’ Hier zijn de gedetineerden verdeeld over acht kleine gebouwen, iedereen heeft een eigen kamer, Poch heeft een eigen televisie. ‘Nu kan ik tennis en Formule 1 kijken’, zegt hij tevreden.

De celdeuren staan altijd open, de douche is lekker warm en ze mogen een paar uur per dag tennissen of voetballen. ‘De catering is goed’, aldus Poch. Er zijn vijf telefoons waarmee de gedetineerden rechtstreeks met buiten kunnen bellen. Dat is prettig voor Poch, wiens vrouw en kinderen in Nederland wonen en dus niet iedere week op bezoek kunnen komen.

Hij kijkt om zich heen, naar zijn medegevangenen aan de andere tafels. ‘Sommigen zijn veroordeeld voor marteling’, zegt hij. ‘Ik zeg niet dat niemand straf heeft verdiend. Maar na zoveel jaar is het moeilijk om conclusies te trekken.’ Poch slaakt een diepe zucht. ‘Zij zeggen ook dat ze het deden om hun land te verdedigen. En hoe weet je of de getuigen de waarheid vertellen? Ik weet niet eens wat er waar is van alle verhalen over mensenrechtenschendingen.’

Er komt een gedrongen, kale man aanlopen, hij stelt zich voor als Rogelio Martínez Pizarro. De 70-jarige arts zit sinds elf jaar in voorarrest. Martínez werkte tijdens de dictatuur in ESMA en was volgens de aanklagers betrokken bij martelingen en babyroof. Artsen moesten ervoor zorgen dat gevangenen tijdens martelingen in leven bleven. En ze dienden de slachtoffers van de dodenvluchten verdovende middelen toe om hen gedwee de vliegtuigen in te krijgen.

Ik zeg niet dat niemand straf heeft verdiend. Maar na zoveel jaar is het moeilijk om conclusies te trekken

Julio Poch

‘Ik heb juist levens gered’, zegt Martínez verontwaardigd. ‘De terroristen gingen op pad met cyanidecapsules in de mond. Als ze gevangen werden genomen, beten ze die stuk. Ik diende een tegengif toe, om hun dood te voorkomen.’ Martínez vertelt er niet bij dat hij dat deed zodat de gevangenen gemarteld en ondervraagd konden worden. ‘Die geroofde baby’s, daar heb ik ook niks mee te maken’, aldus de arts. ‘Voor de geboortes hadden we gynaecologen.’

Als de dictatuur in 1983 tot een einde komt, zorgt president Raúl Alfonsín ervoor dat juntaleden worden berecht en achter de tralies belanden. Ook tegen honderden ondergeschikten komen strafzaken. De militairen zijn woedend en dreigen met een staatsgreep als Alfonsín niet inbindt. De intimidatie werpt haar vruchten af. De president sleept twee amnestiewetten door het parlement en maakt daarmee een einde aan de vervolging van militairen.

Zijn opvolger Carlos Menem gaat nog een stap verder en verleent ook de al veroordeelde juntaleden pardon. Het is tijd voor verzoening en nationale eenheid, aldus de uitleg van Menem. Videla en zijn handlangers komen weer op vrije voeten. Driekwart van de bevolking is tegen het pardon, er komen massademonstraties en jongeren bekladden de huizen van oud-militairen met leuzen. Het pardon van Menem leidt niet tot verzoening, maar tot woede en verdeeldheid.

Scilingo is de eerste die het zwijgpact van de strijdkrachten verbreekt. Zijn bekentenis leidt tot algemeen afgrijzen

Poch heeft de marine dan allang verlaten. Vanaf 1981 werkt hij als piloot op passagiersvluchten voor luchtvaartmaatschappij Aerolineas Argentinas. In 1988 gaat hij aan het werk voor het Nederlandse Transavia. Hij krijgt een vast contract, verhuist naar Nederland en krijgt in 1995 de Nederlandse nationaliteit.

In datzelfde jaar publiceert de Argentijnse journalist en oud-guerrillastrijder Horacio Verbitsky een boek dat wereldwijd de nekharen doet rijzen. In El Vuelo (De Vlucht) laat Verbitsky marineofficier Adolfo Scilingo uitgebreid vertellen hoe hij en zijn collega’s gevangenen drogeerden, in vliegtuigen laadden en naakt vanaf grote hoogte naar beneden gooiden.

Scilingo is de eerste die het zwijgpact van de strijdkrachten verbreekt. Zijn bekentenis leidt tot algemeen afgrijzen, de Argentijnen vragen zich af wat er nog meer voor gruwelijkheden geheim worden gehouden. Er komt een waarheidscommissie, maar de ‘straffeloosheidswetten’ van Alfonsín maken het onmogelijk de resultaten van het onderzoek om te zetten in strafzaken.

Julio Poch in de rechtszaal in Buenos Aires, november 2012. Rechts boven een Short Skyvan, een van de vliegtuigtypen waarmee volgens oud-marineofficier Adolfo Scilingo tijdens de Argentijnse dictatuur de dodenvluchten werden uitgevoerd.
Julio Poch in de rechtszaal in Buenos Aires, november 2012. Rechts boven een Short Skyvan, een van de vliegtuigtypen waarmee volgens oud-marineofficier Adolfo Scilingo tijdens de Argentijnse dictatuur de dodenvluchten werden uitgevoerd. © ANP

Rechters gaan uit van het feit dat de dictatuur een crimineel regime was. Dat is niet partijdig maar rechtvaardig

Horacio Verbitsky

‘In 1998 veranderden de zaken’, vertelt Verbitsky. De inmiddels 75-jarige journalist zit in zijn kantoor in het centrum van Buenos Aires, een kleine kamer zonder ramen en tot de nok toe gevuld met boeken. ‘Dat jaar werd de Chileense oud-dictator Augusto Pinochet opgepakt’, legt hij uit. ‘Dat motiveerde Argentijnse aanklagers om opnieuw werk te maken van de vervolging van Videla. Babyroof viel niet onder de pardonregeling, daar konden ze hem op pakken.’

Slachtofferorganisaties en mensenrechtenactivisten maken gebruik van het momentum en beginnen een campagne om de amnestiewetten ongedaan te maken. Een van de drijvende krachten is Verbitsky, die naast journalist ook werkzaam is als directeur van mensenrechtenorganisatie CELS. ‘In 2001 was het 25 jaar geleden dat de staatsgreep plaats vond’, zegt hij. ‘Vlak voor de herdenking gingen de rechters overstag en verklaarden de straffeloosheidswetten ongeldig.’

In 2003 wint Néstor Kirchner de presidentsverkiezingen. Hij en zijn vrouw Cristina, die na Nestors dood tot president wordt gekozen, sympathiseerden in de jaren zeventig met de linkse opstandelingen en geven ruim baan aan de rechtszaken. Tegenstanders beschuldigen de linkse leiders en de rechters van partijdigheid. ‘Onzin’, vindt Verbitsky. ‘Rechters gaan uit van het feit dat de dictatuur een crimineel regime was. Dat is niet partijdig maar rechtvaardig.’

Transavia-etentje

Een half jaar nadat Néstor Kirchner is aangetreden als president, heeft Poch een etentje met Transavia-collega’s op Bali. Willem-Alexander is dan net getrouwd met de Argentijnse Máxima en het gesprek komt op haar vader Jorge Zorreguieta, omstreden omdat hij als onderminister voor het Videla-regime werkte. Er vloeit alcohol, de piloten hebben het over de wijze waarop de dictatoriale machthebbers afrekenden met linkse subversieven. ‘We threw them in the sea’, zegt Poch.

Het verhaal zingt rond binnen Transavia, maar pas drie jaar later doen collega’s aangifte bij het Nederlandse Openbaar Ministerie. De aanklagers verzoeken de Argentijnse justitie om informatie, die reageert met een internationaal opsporingsbevel voor Poch. De Argentijnen verdenken de piloot van misdaden tegen de menselijkheid en baseren zich daarbij op de verklaringen van de Transavia-collega’s.

Het was een misverstand, een taalprobleem, we spraken in het Engels. Ik heb nooit gezegd dat ik die vliegtuigen zelf heb gevlogen

Julio Poch

Nederland levert geen staatsburgers uit aan Argentinië, maar werkt wel mee aan Pochs arrestatie door vluchtgegevens te verstrekken. In september 2009 stapt Poch op het vliegtuig naar Spanje, zijn laatste dienstvlucht voor zijn pensioen. Bij aankomst in Valencia wordt hij opgepakt. ‘Het was een misverstand, een taalprobleem, we spraken in het Engels’, herhaalt Poch voor de zoveelste keer. ‘Ik heb nooit gezegd dat ik die vliegtuigen zelf heb gevlogen.’

Twee Transavia-collega’s getuigen tegen Poch, maar nuanceren hun verklaringen later. Ze erkennen dat hij tijdens het etentje niet in de ik-vorm heeft gesproken. Met ‘we’ kon Poch ook de Argentijnen in het algemeen bedoeld hebben, geven ze toe. Maar Spanje heeft hem dan al uitgeleverd aan Argentinië.

Pochs advocaten Geert-Jan Knoops en Gerardo Ibañez hameren erop dat in Pochs logboeken uit die tijd niks is terug te vinden over de dodenvluchten. Bovendien was Poch destijds helemaal niet bevoegd om de bij die vluchten gebruikte vliegtuigen te besturen. Hij kán simpelweg niet schuldig zijn, zeggen ze.

De 'deathflights' gebeurde ondermeer met dit type toestel
De ‘deathflights’ gebeurde ondermeer met dit type toestel ©

De aanklagers zijn niet onder de indruk van het verweer. Natuurlijk zijn dergelijke vluchten niet vastgelegd in logboeken, ze waren immers illegaal, zo redeneren ze. Poch vormde onderdeel van Operatie Zeemeermin, zo blijkt uit documenten van defensie. Die operatie hield zich onder meer bezig met ‘bevolkingscontrole’, een eufemisme voor het uitroeien van subversieven.

De aanklagers zeggen ook meerdere aanwijzigingen te hebben dat Poch tijdens de dictatuur wel degelijk heeft gevlogen in vliegtuigen die zijn gebruikt voor de dodenvluchten. Zo zou hij bij een sollicitatie in 1979 tegen Aerolineas Argentinas hebben gezegd dat hij, behalve met eenpersoons gevechtsvliegtuigen, ervaring had met personenvliegtuigen. Poch ontkent dit, maar de aanklagers zetten door. In december 2015 eisen ze levenslang.

Operatie Zeemeermin hield zich onder meer bezig met ‘bevolkingscontrole’, een eufemisme voor het uitroeien van subversieven

Volkswoede

Diezelfde maand treedt de neoliberale zakenman Mauricio Macri aan als president, zijn verkiezing maakt een einde aan twaalf jaar links beleid. In interviews laat Macri zich kritisch uit over het mensenrechtenbeleid van zijn voorgangers en belooft te stoppen met het financieren van slachtoffer- en mensenrechtenorganisaties. ‘Zijn verkiezing bracht hoop’, aldus Poch. ‘Veel gedetineerden dachten dat Macri een einde zou maken aan het onrecht dat ons wordt aangedaan.’

Die verwachting leeft niet alleen onder de gevangenen. ‘Het moet afgelopen zijn met de wraaklust’, schrijft de rechts-conservatieve krant La Nación een dag nadat Macri de presidentsverkiezingen heeft gewonnen. In het commentaar spreekt de krant er schande van dat hoogbejaarde mannen met gezondheidsproblemen in de gevangenis zitten, en pleit voor een einde aan de rechtszaken tegen de oud-militairen.

Het commentaar van La Nación leidt tot breed gedragen verontwaardiging, zelfs de redactie distantieert zich van de tekst. Macri houdt zich op de vlakte maar zegt enkele maanden later in een interview dat hij niet weet of er negen- of dertigduizend slachtoffers zijn gevallen tijdens de dictatuur, en dat het ook niet uitmaakt. Hij focust ‘liever op mensenrechten in de 21ste eeuw’. Opnieuw krijgt hij bakken modder over zich heen.

De volkswoede loopt nog hoger op als het hooggerechtshof in mei dit jaar besluit dat mannen als Poch na hun veroordeling strafvermindering kunnen krijgen als ze langer dan twee jaar in voorarrest hebben gezeten. Een week later gaan een half miljoen Argentijnen de straat op, de grootste demonstratie in jaren. ‘Geen genade voor onderdrukkers’, scanderen ze.

Het parlement besluit diezelfde dag nog dat de regeling niet van toepassing kan zijn op personen die zijn veroordeeld wegens misdaden tegen de menselijkheid. ‘Macri wilde een einde maken aan de rechtszaken’, zegt Verbitsky. ‘Maar hij is erachter gekomen dat dit heel hoge politieke kosten met zich mee brengt. Argentijnen willen dat de onderste steen boven komt.’

Macri wilde een einde maken aan de rechtszaken. Maar hij is erachter gekomen dat dit heel hoge politieke kosten met zich mee brengt

Horacio Verbitsky

Teleurgesteld

Het proces van Poch sleept zich intussen voort. In Nederland strijdt de Foundation Justice for Julio Poch onvermoeibaar voor zijn vrijlating. De club van vrienden familie en andere sympathisanten doneert ook geld zodat Poch zijn advocaten kan blijven betalen. ‘Oude collega’s komen weleens op bezoek, als ze op Buenos Aires vliegen’, aldus Poch.

Over de steun van de Nederlandse regering is Poch zeer teleurgesteld. ‘Misschien heeft het met Zorreguieta te maken’, zegt hij, doelend op de theorie dat Nederland en Argentinië het op een akkoordje hebben gegooid. De Argentijnse aanklagers zouden niet gaan spitten in het verleden van Zorreguieta als de Nederlandse autoriteiten het proces tegen Poch niet zouden dwarsbomen. ‘Het zijn theorieën’, erkent Poch. ‘We zullen het nooit weten.’

Koenders heeft bloemen gegooid op terroristen. En de slachtoffers van de terroristen? Wie heeft het daar nog over?

Julio Poch

Als Bert Koenders in de zomer van 2016 Argentinië bezoekt, neemt president Macri hem mee naar het Parque de la Memoria, een herdenkingsplaats voor slachtoffers van het militaire regime. Poch volgt het nieuws met gekromde tenen. ‘Koenders heeft bloemen gegooid op terroristen’, zegt hij boos. ‘En de slachtoffers van de terroristen? Wie heeft het daar nog over?’

Het is een van de weinige momenten in het gesprek dat de kalmte van Poch scheurtjes vertoont. ‘Amerikanen worden toch ook niet vervolgd omdat ze Osama Bin Laden in zee hebben gedumpt?’, zegt hij op hoge toon. ‘Iedereen applaudisseert. Niemand roept dat het een misdaad tegen de menselijkheid is. En waarom? Omdat de Verenigde Staten oorlog voeren tegen terroristen.’

Mensenrechtenadvocaten vegen de vloer aan met deze argumenten. ‘Wij voeren al jaren campagne tegen misdaden begaan in naam van terrorismebestrijding’, zegt Wolfgang Kaleck, voorzitter van het Europese Centrum van Constitutioneel Recht en Mensenrechten. ‘We pleiten juist voor meer vervolging, ook van Amerikaanse militairen die zich schuldig maken aan systematische marteling van gevangenen.’

Moeders van slachtoffers van de junta demonstreren op de Plaza de Mayo in Buenos Aires, december 1979.
Moeders van slachtoffers van de junta demonstreren op de Plaza de Mayo in Buenos Aires, december 1979. © AP

Horacio Verbitsky snuift minachtend bij het verweer van Poch. ‘Ze zeggen allemaal hetzelfde’, aldus de journalist. ‘Ze vinden het oneerlijk dat de guerrillero’s van destijds vrijuit gaan. Maar als ze ons hadden willen berechten, hadden ze dat toen moeten doen, in plaats van een genocide te plegen.’

Verbitsky was zelf actief bij guerrillabeweging Montoneros. Hij is beschuldigd van het plegen van een bomaanslag op een politiebureau in 1976, maar ging vrijuit omdat de rechter in 2007 besloot dat de zaak verjaard was. ‘Je kunt van mening verschillen over de vraag of onze manier van strijd destijds goed was’, zegt hij. ‘Maar het verschil in wreedheden is niet discutabel. We vielen overheidsdoelen aan, we martelden niet.’

Ook Kaleck laat er geen twijfel over bestaan. ‘Je kunt de misdaden van opstandelingen niet op één lijn stellen met staatsterreur. Misdaden van de staat moeten worden bestraft. Als je dergelijk repressief optreden goedpraat, kom je op een gevaarlijke glijdende schaal terecht.’

Als ze ons hadden willen berechten, hadden ze dat toen moeten doen, in plaats van een genocide te plegen

Horacio Verbitsky

Geen haat

Na acht jaar voorarrest is Poch grijzer geworden, maar hij komt niet over als een verbitterd man. Hij zegt geen haat te voelen jegens de collega’s die aangifte deden. ‘Ze hebben een stommiteit begaan’, aldus Poch. ‘Uit onwetendheid.’ Zijn advocaten bereiden wel een aanklacht voor tegen Edwin Brouwer, een van de collega’s die tegen hem getuigden. ‘Hij zal de consequenties moeten dragen.’

Nu het einde nadert wordt Poch ongeduldiger. ‘De aanklagers zullen wel in hoger beroep gaan’, zegt hij, overtuigd als hij is van vrijspraak. ‘Maar mijn advocaat denkt dat ik het beroep in Nederland mag afwachten.’ Hij haalt een plastic tas tevoorschijn met daarin foto’s van zijn kinderen en kleinkinderen. ‘Kijk’, zegt hij glunderend en toont een Hema-fotokalender. ‘Die maken ze elk jaar voor me.’

Even staart hij voor zich uit. ‘De mensen in Nederland zullen me wel nawijzen’ zegt hij. Dan haalt hij zijn schouders op. ‘Maar ik heb een schoon geweten. En dit jaar vier ik Kerst thuis, in Nederland.’

 

 

 

Vluchtige, intense seks tussen twee wildvreemden in een trein.

 

Sylvia Witteman voelde in een propvolle trein een hand tegen haar bil – zulke dingen gebeuren

Ik dacht na over die enge Harvey Weinstein en alle andere mannen die ongevraagd aan vrouwen zitten. Ik ken, geloof ik, niet één vrouw die nooit is lastiggevallen, en dan is zo’n zogeheten ‘frotteur’ in de trein nog het minste. De laatste dagen wordt er in de kranten en op de sociale media veel over bericht. Vrouwen ‘doorbreken eindelijk het taboe op aanranding’, heet het. Dat laatste verbaast me eigenlijk nogal, want bij mijn weten is er al heel lang geen taboe op praten over aanranding. ‘Als een meisje nee zegt, bedoelt ze nee’ was de slogan in mijn jeugd, in de jaren tachtig kwam het begrip ‘ongewenste intimiteiten’ in zwang, nog later werd het ‘seksueel geweld’; het was altijd een dankbaar onderwerp in de media, dus van een taboe kunnen we eigenlijk niet spreken.

Door de toegankelijkheid van sociale media kan tegenwoordig iedere vrouw openlijk haar relaas doen van meegemaakte aanrandingen. Het zijn er overstelpend veel, en ze zijn er in gradaties. Er zijn verschrikkelijke verhalen over brute verkrachtingen, maar er zijn ook vrouwen die geëmotioneerd vertellen hoe ze dertig jaar geleden eens hitsig in hun bloesje zijn geloerd door de postbode. Tsja. Ik moet dan denken aan die muis en die olifant die over een brug lopen, waarbij de muis trots opmerkt: ‘Wat stampen we, hè?’

Stiekem iemands bil betasten in een volle trein, dat doen vrouwen dan weer meestal niet

Is het voor een vrouw die de angst en walging van seksueel geweld heeft doorgemaakt niet gewoon heel krenkend als haar ervaringen over een kam worden geschoren met die van een vrouw die in een café ongevraagd een arm om haar schouder kreeg? Zeker, ook díé vent hoort zijn poten thuis te houden, dat wel. Alle mannen moeten hun poten thuishouden. Net als vrouwen trouwens, want die kunnen ook behoorlijk graaierig zijn jegens mannen, in cafés.

Stiekem iemands bil betasten in een volle trein, dat doen vrouwen dan weer meestal niet. Hoe zou dat komen?

Mijn trein stond stil bij het station en de menigte stuwde naar buiten. Nieuwsgierig draaide ik me om. De man achter me had een aardig, tamelijk knap gezicht. Hij keek niet schuldbewust of hitsig naar me. Hij keek eigenlijk helemáál niet. Die hand tegen mijn bil was vast per ongeluk geweest.

Toch een heel klein beetje jammer.

zoon Bin Laden meldt zich aan het front

De ideologie van IS leeft voort

Terwijl het kalifaat van IS instort, werkt Al Qaida aan een comeback. Daarvoor heeft de terreurorganisatie een grote troef om uit te spelen: Hamza bin Laden.

 

‘Vergis je niet’, waarschuwt de arabist en islamoloog Halim el Madkouri, ‘Islamitische Staat is zeker niet verslagen. Het idee, de ideologie leeft voort.’

Voor andere organisaties met een vergelijkbare ideologie, is dit dus een mooi moment om zichzelf te positioneren. Dat geldt zeker voor Al Qaida, dat de afgelopen jaren werd ondergesneeuwd door het gewelddadige spektakel van IS, maar nu als alternatief kan dienen voor IS-strijders die een heenkomen zoeken (zie kader), en degenen die nog thuis achter hun laptop zitten.

Hij kan erop rekenen dat zijn dagen zijn geteld

CIA-directeur in september tegen Fox News over Hamza bin Laden

Als iemand de gewenste aandacht kan opleveren, is het Hamza bin Laden wel. Zijn naam alleen al doet de potentiële volgeling én de westerse media opveren, en de laatste maanden wordt hij steeds vaker in de Al Qaida-propaganda naar voren geschoven. Hij roept, bijvoorbeeld, moslims in audioboodschappen op om te vechten tegen ‘de kruisvaarders’ en op 11/9 werd zijn foto naast het gezicht van zijn vader gemonteerd in de brandende torens van het World Trade Center in New York.

‘Hij werd altijd gezien als de kroonprins van Al Qaida’, zegt El Madkouri. ‘Vanwege zijn afkomst en zijn geschiedenis, maar ook vanwege zijn charisma en kennis van de islam. Hamza is een gedroomde leider voor de organisatie.’

Vooralsnog is hij een kroonprins zonder gezicht. Er bestaan alleen foto’s van hem als jongetje, de favoriete zoon van een beroemde vader. Hij is nu een man van 28, zelf vader van twee of drie kinderen, en het is onbekend waar hij zich bevindt. Het belang van die geheimzinnigheid werd weer eens duidelijk toen CIA-directeur in september tegen Fox News zei dat ‘er hard wordt gewerkt’ om Hamza op te pakken. ‘Hij kan erop rekenen dat zijn dagen zijn geteld.’

Een kundige, maar kleurloze man. Iedereen heeft hem altijd als een soort tussenpaus beschouwt

 Islamoloog Halim el Madkouri

Hamza is in 1989 geboren in Saoedi-Arabië, en groeit op in Soedan en Afghanistan, waar hij figureert in de propagandavideo’s van zijn vader. Na de aanslagen van 11/9 stuurde Osama zijn vrouwen en kinderen naar Iran, waar ze door het regime onder huisarrest werden geplaatst.

In 2010 krijgt de Bin Laden-clan toestemming om Iran verlaten, en als Osama een jaar later in Pakistan wordt gedood, blijkt Hamza’s moeder ook in Abottabad te wonen. De jongen zelf verblijft elders in het land. In de jaren die volgen, houdt Hamza zich stil en wordt Ayman al-Zawahiri de nieuwe leider van Al Qaida. ‘Een kundige, maar kleurloze man’, zegt El Madkouri. ‘Iedereen heeft hem altijd als een soort tussenpaus beschouwt.’

In 2015 is de tijd rijp om Hamza weer aan de buitenwereld te presenteren. Al- Zawahiri noemt hem in een audioboodschap ‘de leeuw uit het nest’ en de jonge Bin Laden maant islamitische militanten om het Westen aan te vallen.

Wat wacht de buitenlandse IS-strijder?

Islamitische Staat heeft door de jaren heen duizenden buitenlandse strijders aan zich weten te binden, waarvan het grootste deel afkomstig is uit landen als Tunesië, Saoedi-Arabië en Marokko. Het Haagse International Centre for Counter Terrorism schatte vorig jaar dat er 4.300 Europese moslims naar het kalifaat zijn afgereisd.

Wat zijn nu hun opties?

– Cijfers zijn onmogelijk te geven (de schattingen lopen letterlijk met tienduizenden uiteen), maar een groot deel van de strijders is omgekomen.

– Een ander deel is in handen van vijandige troepen. Hun lot is onvoorspelbaar: in sommige gevallen worden ze gevangen gehouden en wellicht uitgeleverd, anderen worden zonder pardon geëxecuteerd.

– Een deel van de overlevenden zal proberen terug te keren naar hun thuisland. Dat is voor westerse jihadisten aantrekkelijker (desnoods gaan ze de cel in) dan voor strijders uit bijvoorbeeld Saoedi-Arabië. Het kalifaat in Syrië en Irak is ingestort, maar een deel van de strijders zal doorreizen naar andere wiyalaat (provincies) van IS, zoals bijvoorbeeld Libië of Somalië.

– Sommige strijders zullen zich aansluiten bij andere organisaties zoals het aan Al Qaida gelieerde Jabhat Fatah al-Sham (voorheen Al Nusra), dat ook nog steeds in Syrië actief is.

 

waardschuwingen van Wilders , Israel en CIA weglachen lijkt me heel onverstandig/ AZ